zaterdag 18 maart 2017

Heggenmus


De zang van een heggenmus. Om het niet dubbelop te zeggen. (Het gevaar van te snel tweeten.) En dat ik er met m'n nieuwe camera, door mijn raam heen, een 'bewijsfoto' van kan maken over een afstand van ruim dertig meter. Gewoon uit de hand. Ik krijg gewoon lol in het leven van al dat gevogel!

vrijdag 17 maart 2017

Oefenen met de camera

(Ik heb m'n blog wat uit elkaar getrokken. Dan hoef je de foto's niet steeds aan te klikken.)

Wat is dat moeilijk zeg, vogels fotograferen. Je hebt continu de zoomlens nodig. Wat betekent dat je vooral bezig bent de camera zo stil mogelijk te houden omdat je onderwerp bij de geringste beweging buiten beeld valt. En die geringste beweging is meestal gewoon de ontspanknop indrukken. Resultaat: scheve, compositieloze, geheel of gedeeltelijk onscherpe foto’s. Met als vaste regel: hoe zeldzamer de vogel, hoe onscherper de foto. En dan begin ik nog niet eens aan vliegende vogels. Nou ja, oefening baart kunst, zullen we maar denken. Tweehonderdtweeënzeventig foto’s (!) maakte ik gisteren. Met streng selectiewerk en veel rechtzet-, inzoom- en bijsnijwerk in Photoshop hield ik onderstaande plaatjes over.


















De Sprok-ooievaars aan de Bemmelsedijk zitten weer op hun nest. Dit was een gelukstreffer. Eigenlijk zoomde ik per ongeluk te ver in en drukte ik vervolgens af.



















Vrouwtje wilde eend. Ze stak eerst heel grappig alleen haar nek boven de knotwilg uit. Maar toen zat mijn camera nog in de fietstas. Eigenlijk hoopte ik op deze plek op een steenuil. Maar dit plaatje is misschien nog wel leuker.



















Kievit. Helaas niet helemaal scherp. Maar ze staan zo leuk naast elkaar. Met hun spiegelbeeldjes. Langs de A325, vlakbij Arnhem werkt men aan een klein natuurgebied waar heel veel leuke vogels komen. Die allemaal schrééuwen om een telelens.





















Tureluurtje. 






















De wat meer bijzondere en schuwe zomertaling. Herkenbaar aan zijn opvallende wenkbrauwstreep. Achter die paaltjes zijn ze riet aan het verbouwen. Afgeschermd met gaas om te voorkomen dat ganzen de hele boel opvreten. 





















Een ietwat overbelichte stormmeeuw. Omringd door grutto's. Van die laatste zaten er zo'n honderdeen op de plas. Binnenkort gaan ze zich over de omliggende weilanden verspreiden om, hopelijk succesvol, te broeden.





















Met de klok mee: bergeend, kluut, kokmeeuw, stormmeeuw en nog een bergeend. Kwalitatief een slechte foto, maar ik vind hem wel heel leuk. Vier soorten vogels in een cirkeltje bij elkaar.





















Pijlstaart. (Zo heet-ie echt.)





















Nijlgans. 'Exoten'. Ooit ontsnapt of losgelaten om zich vervolgens met succes voort te planten. Net als bijvoorbeeld de halsbandparkiet. Als serieus vogelaar zou ik ze dus met de nek moeten aankijken. Maar ze hielden hun hals zo leuk simultaan scheef. Jammer dat het licht zo slecht is.





















Kleine plevier. Alsof ik de kloonstempel in Photoshop heb gebruikt. Wat niet zo is. Onscherp maar leuk genoeg om hier te plaatsen.





















Nijmegen heeft haar eigen slechtvalken. Misschien zelfs wel drie paartjes. Als je bovenop de Waalbrug één of twee zwarte stipjes ziet zitten, dan is de kans groot dat je met het snelste dier ter wereld te maken hebt. (Bij een afgerichte slechtvalk schijnt ooit een duiksnelheid van 389 kilometer per uur gemeten te zijn!) Ook op de Sint-Stevenstoren laten ze zich zien. 






















Iets dichterbij. Vanaf de Bemmelsedijk gefotografeerd.




















En zo kun je hem vanaf de brug zelf zien zitten. Ik word al duizelig als ik naar het plafond kijk, dus het maken van deze foto, op een hoge, door het voorbijrazende spitsverkeer stevig schuddende brug, was geen onverdeeld genoegen.




















Toch nog durven inzoomen. Een haarscherpe foto was echter teveel gevraagd in deze situatie.

Zo. Laat de uit het zuiden terugkerende blauwborsten maar tot mij komen!
BewarenBewarenBewarenBewaren

woensdag 15 maart 2017

Zwakke ruggegraat

Eens kijken. Ik zou niet gaan twitchen. Want dat is voor malloten. En ik zou geen foto’s maken, want er zijn al een half miljoen natuurfotografen in Nederland. Bovendien moest een tekenaar vogels tékenen. En geen plaatjes schieten.

Intussen kan ik niet wáchten om met mijn nieuwe fototoestel tussen een rij in het groen geklede bebaarde mannen te gaan staan om foto’s te nemen van een ongelooflijk zeldzame dwaalgast. 

Nou ja, het levert vast aardige plaatjes op die als illustratiemateriaal kunnen dienen bij mijn blogberichtjes. De lezer wint er alleen maar bij.

Én het helpt bij het determineren van die altijd lastige steltlopertjes. En rietzangertjes. En roofvogels. En...

Na het stemmen vanmiddag (iets met dieren), fietste ik nog snel even de Ooijpolder in om wat foto's te nemen. Plaatjes van roodborsttapuit, wintertaling, graspieper, buizerd en spreeuw verdwenen allemaal zonder pardon de prullenmand in. Mijn voornemen is om zo min mogelijk foto's te bewaren. Alleen de allerbeste. (Of minst slechte, zo u wilt.)




















Meerkoet. Verre van de meest opwindende vogel die je kunt tegenkomen. Maar mijn fotografenoog zag dat hij zich in een bad van goud bevond. En dat leek me verschrikkelijk artistiek om vast te leggen. Jammer dat-ie net een groene spriet voor z'n snufferd heeft.


























Mooi stilzittende hazen (ik zie jullie heus wel) zijn een dankbaar onderwerp om je zoomlens op uit te proberen. De rechterhaas blijft qua scherpte redelijk overeind, zelfs als je 'm wat dichterbij haalt. Wat een gave kop heeft dat beest zeg!

























Kijk, hier had ik mijn fototoestel nou voor gekocht. Om een bewijsfoto te kunnen maken van bijvoorbeeld een paar zwemmende kleine Canadese ganzen. Nog nooit eerder gezien. Dan mag de foto zelfs onscherp en saai zijn. En dan is het vervolgens weer heel leerzaam als je te horen krijgt dat het gewoon grote Canadese ganzen zijn.






































Dit was bijna een leuke actiefoto geweest. (Klik voor groot.) De rechterooievaar was gelukkig net scherp genoeg om uit te knippen en op waarneming.nl te zetten. Ooievaars zijn niet zo schuw, dus ik dacht dat ze het vast niet erg vonden als ik bovenaan de dijk even ging zitten om wat foto's te nemen. Maar het is me al een keer eerder opgevallen; vogels houden niet van mensen die gaan zitten. Dus ze gingen er vandoor. Heiligschennis onder vogelaars! Vogels opjagen. Ik schaam me dood.

zondag 12 maart 2017

Vleugje grutto

Wát was het overal druk vandaag. Zon en zondag; het ideale recept voor pakken vol dagjesmensen. Waarvan ik er dus één was. Ik keerde o.a. weer terug naar hetzelfde gebied als gisteren. Een klein stuk grond langs de A23 waar veel mooie vogels verblijven. En een gedeelte langs rivier De Linge. 




En daar kon ik heel mooi het verschil tussen een mannetje en een vrouwtje bergeend waarnemen. En nee, ze lagen niet in scheiding hierboven. (Ze zagen allebei een garnaaltje.) Maar ik vond dit een leuk moment om af te drukken. Lekker mijn lezers manipuleren. Ik word nog de Henk van der Meijden van de vogelwereld.
















De man heeft een grote knobbel op z'n snavel. En de vrouw is wat kleiner. 























Een aangename wolkenlucht, met een vleugje grutto. Het prettige van zo'n foto is dat je goed kunt tellen hoeveel vogels er op de desbetreffende plas zitten. Wel even groot klikken natuurlijk. Ik kom op zo'n honderddertien stuks. Maar ik kan er eentje naast zitten.
















Ik heb altijd tegenlicht als ik bij die plas kom. Jammer is dat.
Nou ja, je kunt ze wel mooi zien landen.

















Zomertalingencollage. Die eendjes was ik gisteren misgefietst. Maar vandaag had ik ze bij de kladden. Mooie beestjes. Je ziet ze niet (meer) zo vaak. Ze zaten op een flinke afstand van me vandaan, maar ik moet ook echt een betere camera regelen. Vooral de talingen linksonder zien er grappig genoeg uit voor een haarscherpe foto op groot formaat. Als je het mij vraagt.

















We gaan eruit met wat zonsondergangromantiek. Of zou het gewoon kitsch zijn?

zaterdag 11 maart 2017

Moord aan de waterkant





















Vandaag ging ik op pad met mijn nieuwe camouflage-'outdoorjas’. Of nou ja, in de zakken zitten patroonhouders dus stiekem is het gewoon een jagersjas. Al was de verkoper zo slim om dat woord op zijn site nergens te laten vallen. Hoe dan ook een verdraaid fijne jas, zeg. Wat draagt die stof prettig. En wat is hij lekker geruisloos. En wat zitten er veel handige zakken in. Nog even afwachten hoe hij het in de regen doet.

Vogelaar P., naast wie ik langs de A23 naar een verdwaalde bonte strandloper stond te kijken, gaf geen kik. Maar ik was zo onnozel om me verbaasd om te draaien. Had ik het echt goed gehoord? Een koekoek halverwege maart...? 

Geen koekoek, maar wel een lachende J. en haar vriend E. achter ons. Waarvan die eerste haar vogelgeluidenimitatietalent weer eens te berde bracht. Dezelfde J. die, toen ik weer van het natuurgebiedje was weggefietst, twee goudplezieren, drie zomertalingen en vijf IJslandse grutto’s wist waar te nemen. Lekker is dat...! Nou ja, die IJslandse grutto’s (nieuwe soort) heb ik dan misschien ook gezien. Eens kijken of ik dat nog kan uitvissen.

Een hoop dode vogels vandaag. Eerst een prachtige puntgave kokmeeuw in een weiland. Die ik bíjna mee naar huis had genomen. Om na te tekenen. Maar waarvan ik vermoedde dat ik daar gruwelijke spijt van zou krijgen. (Wormpjes.) Vervolgens een paar kilometer verderop een grauwe gans. Al wat minder puntgaaf. En op een paar meter afstand daar vandaan een mannetje wilde eend. Gedeeltelijk geplukt en zijn borstkas heerlijk aangevreten. Door een roofvogel, gok ik maar. Heel professioneel heb ik alledrie de vogels op ringen gecontroleerd. Maar die hadden ze niet. O ja, fietsend over de dijk kwam ik nog een vierde dode vogel tegen. Verderop in een weiland. Vermoedelijk een dode knobbelzwaan. Die heb ik maar gelaten voor wat-ie was.






















Vlak na het passeren van Bemmel stuit ik op een dertig-, veertigtal putters in een boomrijk gebiedje. Met één puttertje is mijn vogeldag al geslaagd, dus met een hele stoet kan de feestmuts opgezet worden. Voor het eerst hoor ik ze een vreemd geluid maken dat me nooit eerder opgevallen was. Wat ongetwijfeld helemaal aan mezelf ligt. Liefhebbers kunnen er hier naar luisteren. (Alleen al om even vrolijk van te worden.)

Vlak voor thuiskomst, in de schemering zie ik twee torenvalken onder de Waalbrug in een holte landen. Terwijl er tegelijkertijd bovenop de brug een donker bolletje zit dat wel haast een slechtvalk móet zijn. Als ik de brug op fiets kan ik mijn waarneming verifiëren en vliegt er zowaar een tweede slechtvalk bij. Wat zou het mooi zijn als ze in de Sint-Stevenstoren gaan broeden.



























Tot slot na al die dodevogelfoto's (als ik de ooievaar en het slechtvalkstipje even niet meetel), een zoekplaatje met twee ringmussen. Wat een beeldschone, smaakvol vormgegeven vogeltjes zijn dat zeg! Je zou het niet zeggen maar je ziet ze haast nooit. Ik niet tenminste. Dus ik was er maar wat blij mee dat ik ze tegenkwam. Dat begrijp je.