donderdag 19 oktober 2017

Aziatische roodborsttapuit...?

Op waarneming.nl had ik hem kijklui ingevoerd als grauwe vliegenvanger. Een collegavogelaar zag eerder een roodborsttapuit en vroeg mij of ik meer foto's van het beestje had gemaakt. Als de vogel niet in De Bruuk maar op Texel had gezeten dan had hij namelijk stiekem aan een zeer zeldzame Aziatische roodborsttapuit durven denken... Helaas vloog de robotap al na vier, nauwelijks van elkaar verschillende, foto's op. Dus we houden het vooralsnog maar op een Gelderse roodborsttapuit.






maandag 9 oktober 2017

Houtsnip

‘Meneer, heeft u die roerdomp gezien?’ 

Grauwe ganzenkrakeendenmeerkoeten... van alles had ik gezien op de plas waar de mevrouw en ik, dertig meter uit elkaar, naar stonden te kijken. Hoe kan ze in hemelsnaam de zo goed als onzichtbare roerdomp in haar minikijker hebben? ‘Hij staat daar tussen de meeuwen!’ Nog niet zo lang geleden was ik zelf nog zo’n grof blunderende beginnende vogelaar. Dus met een glimlach op mijn gezicht leg ik haar uit dat ze naar een aalscholver staat te kijken.

Nog zo’n geval. Een tijdje terug werd ik enthousiast gewenkt door een echtpaar dat een uur eerder een kemphaan had aangezien voor een onbekende, ongetwijfeld 'extreem zeldzame steltloper’. Nú hadden ze een waterral in beeld die ze graag met me wilde delen. Toen ik de man een week later op dezelfde plek weer tegenkwam, vertelde hij me op grappende toon dat hij alleen al van mijn aanblik een knoop in zijn maag kreeg. Omdat ik hem en zijn vrouw had verteld dat hun waterral een ordinaire waterhoen was.

Op dat soort momenten voel ik me een echt wel gevorderde vogelaar. Totdat ik weer tijdens het trektellen tussen de professionele vogelaars de ene na de andere blunder bega. Maar ik gá het leren; al de verschillende vluchten, vliegbeelden en roepjes van die kleine ellendelingen! En gelukkig heb ik al twee keer meegemaakt dat zelfs de die hard-vogelaars een overvliegende vogel niet wisten te determineren. Wel jammer dat ook ik nu nooit te weten zal komen wat wat dat voor een mysterieuze overvliegende valk was afgelopen zondag. 'Grootte als man slechtvalk, maar leek langere vleugels en staart te hebben. Ook vlucht met glijpauzes anders dan slechtvalk.'

Van trektellen krijg je stramme ledematen. Dus bij mijn laatste trektelling besloot ik mijn benen te strekken. In het struweel. Op die manier heeft een collegavogelaar ooit een velduil de lucht in doen schieten. Prachtige waarneming! Zelf was ik niet minder blij met de houtsnip die zich voor mij uit de vleugels maakte. Nieuwe Gelderse vogel! (Het knagende schuldgevoel dat een vogelaar eigenlijk niet hoort te 'opstoten' kreeg ik er gratis bij.)


Over knagend schuldgevoel gesproken: ik heb vals gespeeld. Ik zag wél twee vogeltjes boven het riet fladderen en meende zelfs hun roepje te herkennen. Maar toen ben ik heel hard 'Hans!' en 'Nico!' gaan roepen. En kwamen ze nieuwsgierig kijken wat er aan de hand was. Heiligschennis onder vogelaars. Dus ik mag ze van mezelf niet als nieuwe soort tellen. Dat zal me leren! De prachtfoto's gaan in mijn schaammapje. 







Het voordeel van geen internet op je iPhone hebben, is dat je de zilverplevier op de Kraaijenbergse Plassen gewoon zelf kunt ontdekken. Ondanks dat hij al uren eerder was gemeld op waarneming.nl. Door zijn gebrek aan grijzigheid zag ik hem wel voor een goudplevier aan. Het voordeel van thuis wél internet hebben is dat je vóór het invoeren van zo’n vogel bij de andere waarnemingen kunt checken of je determinatie correct is. 




De sport is om een plaatje te schieten dat zich duidelijk onderscheidt van de zilverplevierplaatjes van de andere vogelgrafen. Een schuwe watersnip kwam me daarbij welwillend te hulp.



Voor wie de zilverplevier graag wil zien bewegen; hier wat korte befaamde MG-bibberbeelden. Grappige details: een uit het water springend visje en een blauwgemutst hoofd dat door het beeld schiet. 




Terwijl ik omzichtig, vanaf grote afstand, in een sloot, de zilverplevier zat te fotograferen en filmen, sloop er namelijk een jong vogelgraafje, als een ware commando, tot op een twintigtal meter afstand naar de vogel toe. Waardoor ik weer geleerd heb dat in ieder geval déze zilverplevier niet bijzonder schuw was. Al vloog hij op een gegeven moment wel op om een paar meter verderop te gaan zitten. 




Met het feit dat een gezinnetje met twee joelende kinderen mijn kleine strandloper, samen met een hele berg grauwe ganzenmeerkoeten en kokmeeuwen de lucht in jaagt, kan ik wel leven. Zelfs als ik nog geen fatsoenlijke foto van het beestje heb kunnen schieten. Mijn streven in dit leven is om me zo min mogelijk te ergeren. Ergeren doet altijd zo’n pijn. In dit geval pakte het niet-ergeren extra goed uit. Twintig minuten later keerde de kleine strandloper, samen met twee bonte strandlopers terug naar de nog compleet verlaten plek. En kon ik ze uitstekend bekijken en vogelgraferen. 




De ópgejaagde kleine strandloper bleek overigens een bonte strandloper te zijn. Zag ik thuis op mijn computerscherm.

Een lezer meldde mij dat vogels hem ‘geen hol’ interesseerden. Maar dit blog las hij altijd en vond hij hilarisch. Dus ik gooi er gewoon nog wat vogelfoto’s tegenaan.



Zo’n mooie, vlakbij foeragerende kemphaan roépt toch om op de digitale plaat vastgelegd te worden?






Om de grootte van een vogel goed te kunnen inschatten, wat helemaal niet zo makkelijk is door het vergrotende verrekijkerbeeld, is het altijd prettig als er een vogel die je heel vaak ziet naast gaat staan. Zoals, in dit geval, een grauwe gans.





Bij de Kraaijenbergse plassen kwam ik een groep van zo’n vijftig toendrarietganzen tegen. De eerste van het seizoen. En best een leuke waarneming want zo vaak zie ik ze niet.





Pas thuis op m’n beeldscherm ontdekte ik dat er een snavelloze grauwe gans tussen zat. Kort geleden verloren? Eraf geknald door een jager? Gewoon ermee geboren? Kun je zo lang overleven met die handicap? Stuur uw antwoorden naar... 





Ik blunder nog regelmatig met mijn determinaties. Wegens heel ver weg en tegenlicht had ik geen idee wat voor vogeltje er linksboven op de tak zit. En maakte ik er maar een juveniele putter van. Terwijl het dúidelijk net als het vogeltje rechtsboven, een groenling is… (Op dit moment kijk ik wanhopig uit mijn ogen.) Onder op de foto twee zanglijsters.





Een vlucht wulpen. Jammer dat het niet regende, anders hadden we een mooie boektitel gehad.





Deze bonte strandloper staat er behoorlijk desolaat bij. Achter hem een kievit.





Met z’n tweeën is toch wat gezelliger.






Door het slechte licht had ik geen idee wat ik fotografeerde. Thuisgekomen drong het tot me door dat het de hier zeldzame kanoet moest zijn waar ter plekke al over gesproken werd door wat vogelaars.





Schrokop. De echt wel flink grote vis die deze roerdo... aalscholver horizontaal in zijn bek hield werd in een mum van tijd compleet doorgeslikt. Te snel voor de scherpstelfunctie-of-hoe-heet-het van mijn fotocamera. Helaas.





Vijftien geoorde futen zaten er maar liefst in het Grote grindgat bij Weurt. Die moesten natuurlijk hoognodig getwitcht worden.





Een prachtige vogel om dit lange bericht mee te eindigen.

donderdag 5 oktober 2017

Trektellen




Is dat leuk? In een weids landschap urenlang zitten turen naar over- en voorbijvliegende grijze stipjes? Ja, dat is leuk. Want je mag die stipjes ook nog eens determineren. En tellen. En er kan zomaar een heel zeldzaam stipje langskomen. Het is spannend én ontspannend.

Maar het is ook heel moeilijk. Zelf herken ik vooralsnog voornamelijk de vlucht en het roepje van de witte kwikstaart. Overige vogels moeten óverduidelijk in mijn verrekijkbeeld komen of voorgezegd worden door de professionals. Gisterochtend kreeg ik van zo’n professional een link naar een website waar je je er in kunt oefenen: 


Dus die site gaan we maar eens bestuderen. Hopende dat ze er ook nog een keer een handige app van maken.

Paul Gnodde van de Vogelwerkgroep Nijmegen e.o. heeft ooit een leerzame trektelpresentatie gegeven die nog online te vinden is (even halfweg naar beneden scrollen)


Nog een link die ik zojuist tegenkwam:


Wellicht vind ik in de toekomst meer handige en leerzame links. Het grote vogeltrektelboek moet volgens mij nog geschreven worden.

Gisterochtend kwam er overigens een vogel overvliegen die de professionals zelfs niet wisten thuis te brengen. Hij staat op de foto, dus waarschijnlijk komen we (ze) er nog wel achter. Spannend!

Edit. Meer links (uit de toekomst):



Zonder telescoop, of in mijn geval enorm inzoomende fotocamera, wordt trektellen een beetje lastig. Maar niet ondoenbaar. (Als er iemand met een telescoop naast je staat.) 

Wat vliegt er eigenlijk op de bovenste twee foto's voorbij? Ze maken dit geluid. (Opname: Jeroen Veeken.) 'Wat nasaal droog roepje kliwit.'





Nog wat dichterbij. Hint: ze hebben meegedaan aan het Eurovisie Songfestival. En werden onterecht slechts tweede. Ze verloren van de man met de baard. In de jurk. Inderdaad: The Common Linnits. Oftewel: kneutjes.




Roofvogels zie je natuurlijk ook over- en langsvliegen. In dit geval een ravottende sperwer en havik.
Edit: volgens waarneming.nl zijn het twee sperwers. 




Af en toe gaat er iets in de top van een boom zitten. Zoals deze grote lijster.




Of deze kraaiachtige. En wat er dan weer achter die vogel langsvliegt? Al sla je me dood.

De kneutjes zijn gefotografeerd in Park Lingezegen. Overige foto's: trektelpost Maldens Vlak.

maandag 25 september 2017

Rosse wouw en rode grutto

Vogelexcursieleider P. stelt voor om auto en fiets achter te laten en het stukje naar de vogelhut in de Liendense waard gewoon te lopen. Ik maak mijn fiets vast aan een verkeersbord vijftig meter verderop en hoor dan achter me enthousiaste geluiden uit de groep komen. Met z'n allen verrekijken ze één richting uit en ik hoor iemand 'wauw!' roepen. Of is het 'wouw'...? Een paar meter boven een weiland is duidelijk een roofvogel met de gevorkte staart van een rode wouw te zien! 



Ondanks dat ik hem al eens op een trektelpost heb zien voorbijvliegen, voel ik me minstens zo verrukt als bij de eerste waarneming van een ijsvogel. Uit blijdschap maak ik een onhandig stoer vuistjuichgebaar en volg ik met mijn kijker de wegvliegende wouw. Die over de dijk verdwijnt en een heel eind verderop in een boom gaat zitten.

0,3 seconden later zwaai ik met een grijns op m’n gezicht naar de nagenietende cursusdeelnemers en race ik op mijn fiets richting de prachtvogel. Ik zie hem niet zitten in de boom, maar nadat er een paar duiven opfladderen, besluit de wouw ook weer verder te trekken. Dé kans om wat minder beroerde bewijsplaatjes te schieten. Nu ik er beter op ben voorbereid. 






Ware het niet dat het licht niet veel beroerder kan dan dat het op dit moment op de vogel valt. Een photoshopcollage laat wel mooi het vluchtbeeld zien.  




Er verschijnt een kievit in beeld, die duidelijk niets van de wouw moet hebben. Hij voert een aanval uit. En als ik even langs mijn camera kijk zie ik dat de roofvogel in een wolk van kieviten is beland. Ik raak hem kwijt en na het verdwijnen van de kieviten, vind ik mijn rode vriend niet meer terug. Maar wat een prachtwaarneming! En wat een vreugde dat ik blijkbaar nog steeds uitermate vrolijk van een vogelwaarneming kan worden! Op m'n oude dag.






Na de excursie ontvangt vogelcursist T. een app-vogelalert. Rosse grutto in de Loonse waard! En die waard ligt, met een beetje fantasie, op de terugweg naar Nijmegen. Samen met B. fiets ik naar de plek, weten de reeds met auto gearriveerde T. en E. ons te vertellen dat hij nét voor onze komst uit beeld is verdwenen, vindt een twitchende toevallig in de buurt zijnde R. het beestje weer terug en steek ik eindelijk weer eens een nieuwe Gelderse vogel in m'n zak. Topexcursie!





Nog even terug naar de Liendense waard. Natuurlijk kan ik ook nog steeds genieten van twee lekker dichtbij foeragerende bonte strandlopers.




En een mooie determinatie-opluchtende kluut is ook niet mis.




Restfoto's. Leuke oudewaalwaarneming van deze week: een tweetal kleine strandlopers. Vergezeld door drie kemphanen. Waarvan de voorste een héél zeldzame driepotige kemphaan.




Al een paar dagen foerageert er een groepje strandlopers in de Oude Waal. Waarvan vier bont en twee klein. De grootste vogels op de foto zijn weer kemphanen. De kleine strandlopers openen en sluiten de rij.




Stel je voor dat deze foto scherp geweest zou zijn. Had-ie zo op de middenplaat van Vogels gekund!




Bijzonderste waarneming ergens vorige week: een krombekstrandloper. Op de (onderste) foto v.l.n.r.: bonte strandloper, een kokmeeuw die er helemaal ondersteboven van is, een kemphaan en de krombekstrandloper.

zondag 24 september 2017

Mistvogelen




Op de Waalbrug twijfel ik heel even. Heeft het zin om in deze moddervette mist, die zeker nog een paar uur zal blijven hangen, te gaan weekendvogelen? De brug zelf is slechts gedeeltelijk zichtbaar en als ik over de brugreling kijk zie ik letterlijk niks. Eén grote witte muur. Snel hak ik de knoop door. Natuurlijk moet ik juist nu gaan vogelen. De mist zorgt voor een fantastische spookachtige sfeer!








Aangekomen in Park Lingezegen zet ik mijn fiets vast en besluit ik net zo lang rond te gaan lopen tot de mist weggetrokken is. Van dichtbij zie ik twee grijze watersnippen, die een vaag manspersoon waarnemen die ze doet afvragen of ze nu wel of niet moeten opvliegen. 




Een paartje wilde eenden neemt geen risico. 





Op het pad naar het vogelscherm hoor ik zonder enig bijgeluid een groep wulpen roepen. Als grijze veegjes zie ik ze het luchtruim kiezen.






Een knabbelende rietgors laat zich prachtig van dichtbij bekijken. Het enige moment deze ochtend dat de mist me tegenwerkt. De mooi subtiele kleuren en tekening van het vogeltje zien er nu wat uitgebleekt uit.





Bij een ijsvogel werkt de mistdemping juist weer mooi op zijn nogal uitbundig gekleurde verenkleed. 





En ook bij de blauwe punkreiger levert de mist een aardig, sfeervol plaatje op.






Na een paar uur trekt de mist op en lijkt de zomer plotsklaps opnieuw van start te gaan. Het vogelparadijs breekt weer los en uit alle hoeken en gaten verschijnen er met telescopen, camera's en verrekijkers gewapende vogelaars op het toneel. Oeverlopers, witgaten, bosruiters, bonte strandlopers, wulpen, kemphanen en grote zilverreigers laten zich in het zonlicht bewonderen. De kleine zilverreiger zie ik die dag zeker vier keer onrustig op-, langs- en overvliegen.




Vanaf een van de vele paaltjes plonst een ijsvogel verschillende keren in het water. In de hoop uiteindelijk met een visje omhoog te komen.





Een overvliegende boomvalk zet een uitroepteken aan het einde van een prachtige vogeldag.


Volgende blog: