woensdag 21 juni 2017

Authenticiteit


Deze al dan niet onnozele vraag kwam bij mij op door de volgende opmerking van Hans Dorrestijn: 'Ik weet bijna zeker dat ik de boel niet fles. Dat ik écht heel blij word van bepaalde vogeltjes. Of het nou de grauwe gors is of het is een puttertje.' Dat 'bijna' biedt ook weer stof tot nadenken...

dinsdag 20 juni 2017

Steltkluut [3]




'Babysteltkluutjes... als mijn hart zoveel schoonheid maar aan kan...', schreef ik een tijdje geleden. Mijn hart hoeft helaas niet bang te zijn. De steltkluten zijn verdwenen. Dagenlang was er steeds maar één steltkluut te zien omdat de ander achter een kleihoopje aan het broeden was. Alleen tijdens de wisseling van de wacht waren ze héél kort samen te zien. Na een tijdje waren ze echter weer continu met z'n tweeën aan het fourageren. Om vervolgens de buitenproportioneel lange benen te nemen. Wat er is gebeurd zullen we nooit weten. Geen stijgende waterspiegel in ieder geval. Wellicht predatie door de aanwezige meeuwen. Jammer.

Bijgevoegd twee van grote afstand genomen afscheidsfoto's van 3 juni dit jaar.


17-06-17



En toch voel je je na veertien uur fietsvogelen beter dan na een paar uurtjes zitten achter je computer/tekentafel. (Ik tel het kontgebeuren even niet mee…)

In de vorige drie berichtjes had ik al wat vogelfoto-oogst van afgelopen weekend laten zien. Maar ik heb nog wat restjes om te delen.



Deze putter geeft een stevige hint naar zijn andere naam. Distelvink.



Zwarte stern. Hij (zij?) is z’n prachtkleed ('grotendeels zwart met asgrijze onderdelen') zo te zien alweer aan het kwijtraken.



Eerst dacht ik aan een hybride wilde eend x nijlgans. Maar ik weet niet of die het met elkaar doen en of dat biologisch gezien überhaupt mogelijk is. Dus ik maakte er maar een soepeend van. Het blijkt echter een krakeend te zijn. Zo had ik hem nooit eerder gezien.



Een vogel die je makkelijk over het hoofd ziet omdat-ie zeer algemeen voorkomt. Maar wát een prachtbeestje is zo’n vink eigenlijk als je hem goed bekijkt.



Hetzelfde geldt voor dit vrouwtje rietgors. (Of is het een juveniel?) Het lijkt wel of ze haar kopje in Nieuw-Zeeland heeft laten tatoeëren! Maar dan gelukkig niet in de standaard tatoeagekleur schimmelgroen.



Vliegende roofvogelsilhouetten altijd even fotograferen. Leerzaam om thuis nog eens goed te bestuderen. Of puur om erachter te komen wat je eigenlijk gezien hebt. In dit geval een bruine kiekendief.



In dít geval meende ik met een slechtvalk te maken te hebben. Omdat hij op twee scholeksters afdook. Maar het is een boomvalk. Die wellicht een libel tussen de scholeksters had gesignaleerd.



Een juveniele witte kwikstaart en een juveniele gele kwikstaart nemen gezellig samen een bad. (In werkelijkheid joeg de een de ander weg.)



Een troep grauwe ganzen, vlak voordat ze door een auto van de weg werden geclaxonneerd.



Knobbelzwaan. Zou zo’n knobbel eigenlijk nog ergens voor dienen?



Torenvalkjes. Potentiële prooien bespiedend. Maar nog net te jong om uit te vliegen. (Geloof ik.)



Deze foto van een juveniele roodborsttapuit is van een paar dagen later. Maar ik smokkel hem er nog even bij omdat-ie zo mooi belicht is.



En deze foto(collage) is van gisteren. Een mooie blauwborst ga ik jullie natuurlijk niet onthouden.


Fotostrip


Eigenlijk maakte ik een grapje. Maar elf likes op Twitter is een persoonlijk wereldrecord. Geloof ik. Misschien heb ik wel een gat in de markt ontdekt! Toch maar 'iets' mee gaan doen...?

zaterdag 17 juni 2017

Steenuil

Maar liefst vier steenuilen op vier verschillende plekken kwam ik afgelopen weekend tegen. In deze tijd van het jaar laten ze zich dan ook beter zien. Als je tenminste door hun geniale camouflage heen weet te kijken. (Fijn om het woord 'geniaal' eens een keer zonder misbruik te kunnen bezigen.) Ook laten ze zich momenteel meer horen. Dat zal wel met het broeden te maken hebben.




De steenuil, of liever gezegd het steenuiltje, heeft ongeveer de grootte van een merel met obesitas. Veel kleiner dus dan je wellicht zou denken. De meeste uilen in Nederland zijn kleiner dan je denkt, is mijn ervaring. Alleen de Oehoe is echt een flinke joekel. Die kun je nog wel een hand geven. Bij wijze van spreken.




Toen ik deze foto nam zag ik alleen zijn kopje en zijn gele oog. Op mijn computerscherm bleek ik zijn hele rugpartij echter ook te hebben vastgelegd. Je zou bijna een exorcist bellen voor die 180 graden gedraaide kop.




Van de vierde steenuil heb ik geen foto gemaakt i.v.m. de schemering. Deze derde steenuil is waarschijnlijk rooms-katholiek. Hij zat tenminste op een kerkgebouw. Door hun sublieme 
camouflage (als ze in een boom zitten tenminste) (fijn om het woord 'subliem' eens een keer zonder misbruik te kunnen bezigen) denkt de steenuil waarschijnlijk dat hij onzichtbaar is. Waardoor ze vrij eenvoudig te fotograferen zijn. Niet té dichtbij komen natuurlijk.

Edit: nog een extra steenuiltje op wéér een andere plek. Op dinsdag 20 juni. Het lijkt me een juveniel.


Libellen

Van de libellen hieronder wist ik er slechts één zelf te determineren. Mijn libelkennis is dan ook zo goed als nul komma zeven.




Maar ja, wie noemt deze libel dan ook bloedrode heidelibel. Hij is verre van bloedrood en op de heide vertoeven deed-ie ook al niet. O wacht, het is een vrouwtje. Het zal ook eens niet.




Zelfde verhaal bij deze blauwe breedscheenjuffer. Lichtgroen en met een beetje voorstellingsvermogen schemert er iets lichtblauws door. Hij zal nog wel niet rijp zijn.




Gewone oeverlibel. Blijkbaar zo gewoon dat zelfs ik zijn naam nog kon achterhalen.




'Libelle onbekend'. Onder die naam voer ik de meeste libellen in op waarneming.nl. In een edit vermeld ik nog wel zijn ware naam. 
Edit: ook een bloedrode heidelibel.

donderdag 15 juni 2017

Jubileum

Alweer drie jaar geleden voor het eerst met een verrekijker op (fiets)pad geweest, teek uit mijn rechterbovenarm gepeuterd, tevergeefs fluiter gezocht in Heumensoord en thuisgekomen met een grote lijster. Of nou ja, met wat van grote afstand genomen foto's van de grote lijster. Schuwe vogel. Mooi beestje.



Verschil grote lijster met zanglijster: o.a. groter, bleker en rondere vlekken op de borst. En hij staat wat stoerder.

woensdag 14 juni 2017

Nachtzwaluwexcursie 2017

(Ik ga mijn blog Kijk eens wat ik gezien heb! Na, na, na, na, na! noemen.)

Na de excursie, waarbij we de nachtzwaluwen heel goed konden horen en er eentje twee seconden konden zien vliegen, liep ik nog een stukje op met G. Waarbij er heel mooi een vervaagde vogel boven ons langs kwam vliegen. Sorry, maar waarschijnlijk door de grote opkomst van nieuwe vogelaars en vogelgrafen worden er steeds meer vrij gewone vogels op waarneming vervaagd, onder embargo gesteld en dus geheim gehouden. Om te voorkomen dat ze onder de voet gelopen worden door enthousiastelingen. Onder andere. Ik durf hier eigenlijk al bijna niks meer te schrijven...

Vóór de excursie zag ik ook nog iets leuks fladderen. In eerste instantie dacht ik aan een boomvalk. Maar later begon ik te twijfelen of het niet een vroege nachtzwaluw was. Ik maakte er een (heel slecht) filmpje van. Dus met hulp ga ik er nog wel achter komen. Edit: boomvalk.


Mijn fietsverlichting haperde gisteravond een beetje. Ik besloot om maar niet door het bos terug te fietsen maar een omweg te maken over de grote weg. Een mooie gelegenheid om te kijken of de kerkuil, die ik een tijd terug tot mijn stomme verbazing tegenkwam, misschien nog op dezelfde plek aan die weg zat. Langzaam langsfietsend was er deze keer echter geen uil te bekennen. Wel volgde er op dezelfde plek wéér een stomme verbazing. Twee vosjes op een parkeerterrein! En toen ik beter keek: drie vosjes. Tijdens het elkaar verbaasd en doodstil aankijken kwam moeder vos ook nog opdagen. Waarop ze met z’n viertjes in het groen verdwenen. Eén van de jongen kon het echter niet laten om zijn kopje uit het struikgewas te steken en de vreemde fietser nog eens goed te bekijken. 

Wat heb ik toch akelig veel geluk met mijn waarnemingen de laatste tijd. Al is dat grotendeels ook afgedwongen geluk. Weten waar je moet zijn. Op de juiste tijd. En vervolgens domweg uren maken. En goed opletten natuurlijk.

zondag 11 juni 2017

De geheime vogel

Achter me langs zie ik hem in een rechte lijn zijn nest in vliegen. Ik geloof m’n ogen bijna niet! De vogelzelfontdekking van m’n leven. Of op z'n minst van het jaar. Als ik hem invoer op waarneming.nl wordt hij automatisch vervaagd en onder embargo gesteld. Natuurlijk is het nieuws allang rondgegaan. In de tijd dat ik er ben wordt de vogel achtereenvolgens bezocht door een vogelgraaf, een wat oudere vogelaar (ik moest half gedraaid door het volop met gras en brandnetels begroeide pad teruglopen omdat de grijns op mijn gezicht er anders niet doorheen paste. Dus hij had gelijk in de gaten dat ik Hem gezien had), een clubje vogelaars, nog een vogelgraaf en een gezin met een uitlegpapa. Waardoor ik uiteindelijk vertrek met een licht dierentuinbezoekgevoel. Desalniettemin heel leuk dat ik hem nu in het echt heb gezien. Daar had ik bijna niet op durven hopen. De van de opwinding en de door de hoge moeilijkheidsgraad slecht geworden foto’s maak ik over zevenenvijftig jaar openbaar op dit blog.

Het wordt een beetje gevaarlijk om met een fotocamera om m'n nek op pad te gaan. Ik word namelijk steeds meer aangesproken door vogelgrafen die willen weten waar ik mee fotografeer. (Een Canon-dinges-weet-ik-veel. Als-ie maar aardige plaatjes schiet. Ja toch?) Om vervolgens hele verhalen te beginnen over lenzen, statieven, geheugenkaartjes en wat dat allemaal wel niet kost. Interesseert me geen bal! Ik vond het juist zo prettig dat je met vogelaars exclusief over één onderwerp kon praten. Vogels!

Eerlijk is eerlijk; vandaag kreeg ik ook een goede tip van een moeilijk verstaanbare vogelgraaf. Om geen belangrijke momenten te missen door mijn intensieve twee seconden-zelfontspannergebruik kan ik ook met mijn fotocamera filmen. Thuis achter mijn computer kan ik dan screenshots maken van de opvallendste momenten. Die screenshots zijn goed genoeg voor een bewijsplaatje op waarneming of als illustratie op dit blog. 





Beverzoekplaatje. 


Een stuk of zestien casarca's. Fijne waarneming, want die had ik dit jaar nog niet gezien. Laat staan in zo'n groot aantal.




Altijd leuk zo'n uitpluisrups. Ik kwam tot de Euthrix potatoria. Oftewel het rietvinkje. Een nachtvlinder.







Het was flink warm vandaag. Dat vonden de jonge ooievaars die ik onderweg tegenkwam ook. Heel grappig zaten ze 
alle vier, met waarschijnlijk om die reden wijd geopende snavels op hun nest. Af en toe werd er wat met de vleugels gefladderd. Dus binnenkort zullen ze wel op kamers gaan.


























Op de terugweg fietste ik 'even' drie kwartier om. Kijken hoe het met mijn steltkluten ging. Het vrouwtje liet zich niet zien. Vermoedelijk nog steeds druk broedend achter een hoopje klei. Het mannetje kreeg ik, na een behoorlijk tijdje zoeken, prachtig in beeld. De leuke houdingen kon ik vastleggen door de screenshot-tip van eerder aangehaalde slecht verstaanbare vogelgraaf. Niet haarscherp maar wel een stuk leuker dan de gewoon genomen foto's hieronder.


vrijdag 9 juni 2017

Steltkluut [2]




Als dat geen mooi nieuws is. Het lijkt erop dat mijn steltkluten gaan broeden. (Ja, ze zijn echt van mij.) Het vrouwtje zit steeds op dezelfde plek achter een hoopje modder en het mannetje verjaagt vogels die te dicht in de buurt komen. Babysteltkluutjes... als mijn hart zoveel schoonheid maar aan kan...














'Gewone' vogels worden hier niet gediscrimineerd. Een mooi poserende graspieper krijgt van mij gewoon zijn fifteen minutes of fame.




De twee grote karekieten lieten zich deze keer goed bekijken. En vooral hóren. Het zijn een beetje de Lemmy Kilmisters van de vogelwereld.




Uitstekende keuze om over de Bemmelse dijk naar huis te fietsen. Een gezinnetje bever liet zich heel mooi bekijken. Zwemmend, takken vretend, elkaar knuffelend. Heel leuk. Met achter me een nestkast van een torenvalk met jongen en wat verderop een steenuiltje op een hek. Je kunt slechtere avonden hebben. (Helaas geen goede foto's kunnen maken door de invallende schemering.)





zondag 4 juni 2017

Flamingo's in de Ooijpolder




'Ziet u die twee witte stipjes daar? Dat zijn flamingo’s.’ De vrouwelijke helft van het wandelechtpaar kijkt me verbaasd aan vanonder haar weekendpetje. Dit antwoord op de vraag waar wij naar staan te kijken had ze niet verwacht. 'En de witte stipjes hier vooraan zijn lepelaars.’ Je zag het haar denken: hij neemt me in het ootje. Die vent is knettergek!






En dan was er nog dat puttertje dat ik in eerste instantie niet herkende als een putter door zijn zwarte kopje. Ook door de verrekijker keek hij me met een zwart gezichtje aan. Om er vervolgens snel vandoor te gaan voordat ik ook maar over een foto maken kon nádenken. Een of ander hybridevorm of toch een geval van tegenlicht? Ik zal het wel nooit te weten komen.

Beleef de koekoek



























Ik ben niet zo’n 'Beleef de lente’-volger. Ik mis toch de wind in m’n gezicht, de zon op m’n bol en de spanning van wat ga ik vandaag te zien krijgen. Dit is echter bijzonder. Bram Ubels, van de Vogelwerkgroep Nijmegen e.o. heeft het nest van een kleine karekiet ontdekt waarin een koekoek zijn ei heeft gelegd. Dat betekent over een paar weken een uit het nest puilend koekoeksjong dat gevoerd wordt door twee zwaar overspannen pleegouders. Die daarbij als het moet gewoon even op de schouder van het jong gaan zitten. Dáár wil ik nog wel even regelmatig voor langssurfen.